Archive for the 'General' Category

πŸ“† #WorldEmojiDay πŸ˜ƒπŸŽ‚πŸΎπŸŽ‰

Monday, July 17th, 2017

Op πŸ“† 17 juli πŸ“† is het World Emoji Day 🍻

Share

Lezen in de trein – is dat fijn?

Sunday, April 2nd, 2017

Een Hollander die niet klaagt en mekkert is ziek. Helaas is dat maar al te waar, en maar al te vaak maak ik me daar ook zelf nogal een beetje schuldig aan. Traditioneel vindt het hoogtepunt van het gemekker plaats rond de Boekenweek. Er is altijd wel iets; het aan die week voorafgaande Boekenbal is soms te volks, en soms juist te elitair, dan weer is het een groot schandaal dat het Boekenweekgeschenk niet in Nederland wordt gedrukt, maar in Duitsland, of is het raar dat een schrijver die het op twee na best verkopende Nederlandstalige boek zelf niet wordt uitgenodigd voor het Boekenbal, omdat de betreffende uitgeverij geen lid is van het clubje dat dat feestje organiseert – wat uiteraard mooie promotie is voor het tegelijkertijd gehouden Alternatieve Boekenbal van muziektempel Paradiso, en doordat jet het qua inhoud nooit iedereen naar de zin kunt maken, publiceren religieuze boekhandels sinds een paar jaar hun eigen anti-boekenweek-boekje met meer kumbaya dan het officiele Boekenweekgeschenk. Al doen alle religieuze boekwinkels juist daar weer niet aan mee. Ik kreeg het gewone, wereldse, Boekenweekgeschenk namelijk uitgereikt in een boekhandel die rechtstreeks is gelieerd aan een klooster. Naast boeken verkoopt deze prachtige Boekhandel Berne in het Brabantse Heeswijk-Dinther ook iconen, Mariabeeldjes, Crucifixjes, honing, wijn en bier. Ambachtelijke kwaliteitsproducten van bevriende kloosterorden. Al verkopen ze ook gewoon boeken, en zelfs bij aankoop van een niet bepaald literair kookboek kreeg ik dat kleine blauwe boekje van Jiskefetacteur Herman Koch – en daarmee meteen de mogelijkheid een hele dag gratis in de trein te zitten op zondag 2 april. Toevallig de dag na mijn laatste nachtdienst, dus was er zowaar tijd daar schaamteloos gebruik van de maken.

Eigenlijk verliep het vlekkeloos. De achterzijde van het boekje bleek voorzien van een QR-code waarmee het poortje op het station zwierig openzwaaide terwijl op het display het woord “Passage” te lezen was. In eerste instantie was ik wat verbaasd dat er was gekozen voor een gedrukte code die afbreuk zou kunnen doen aan de layout van het boek zelf en ook nog eens precies op de juiste manier voor de scaner gehouden moet worden om door het poortje te worden herkend – terwijl juist een boek uitermate geschikt is om te voorzien van een NFC-chip. Meer nog dan een wegwerpkaartje dat door toevoeging van chip en antenne meteen niet meer recyclebaar is, maar desondanks maar al te vaak bij papierfabrieken in de disperger belandt. Ik zou het echt van harte toejuichen als de NS ervoor zou kiezen de bechipte wegwerpkaartjes uit te faseren en vervangen door papieren kaartjes met een QR-code of door tijdelijke pasjes of fiches die na gebruik weer ingenomen worden, zoals de chipkaarten in de metro van Singapore of de plastic muntjes van de monorail in Kuala Lumpur. Net zoals het toe te juichen zou zijn als het verschrikkelijke omchecken of het verplicht uit- en weer inchecken bij het wijzigen van vervoerder. Een ritje van Lunteren naar Bijlmer-Arena betekent nu dat er op de meest vreemde plaatsen pasjes tegen paaltjes gehouden moet worden. Wie dat niet doet, krijgt drie boetes; eentje van Connexxion voor inchecken zonder uitchecken op het Kippenlijntje, eentje van de NS voor zwartrijden en eentje van het GVB voor uitchecken zonder inchecken. Dit terwijl een paar regels software genoeg zouden zijn om het voor de forens mogelijk te maken gewoon zorgeloos in te checken op het vertrekstation en uit te checken op het aankomststation, terwijl de verschillende concessiehouders na dat ritje op een eerlijke manier onderling de taart verdelen. Je hoeft echt geen raketgeleerde te zijn om daar een eerlijke verdeelsleutel voor te bedenken.

Op 2 april speelde dit alles gelukkig niet; al waren de Nederlandse Spoorwegen de grote oppersponsor, ook alle andere spoorwegbedrijven accepteerden het boekenweekboek als vervoersbewijs. Maar goed ook. Voor wie het geen daagse kost is, is treingebruik een behoorlijk verwarrend iets en in plaats van nieuwe fans zou het juist frustratie opleveren als de argeloze dagjesmens die denkt een dag gratis ergens naartoe zou kunnen juist getrakteerd wordt op een smalijk grijnzende conducteur die zijn bonnenboekje volschrijft, omdat per ongeluk in een trein is gestapt die van een ander bedrijf dan de NS is.
Voor mijzelf speelde dat sowieso niet. Bij het ontwaken herinner ik me een deuntje van Benny Neyman die mij doet besluiten dat het een grappig idee kan zijn eens een middag af te zakken van het diepe zuiden. Niet omdat het moet, maar omdat het kan.
Met een vriendelijk bliepje opende het poortje op mijn vertrekstation zich. Helaas is er geen rechtstreekse verbinding meer naar een station waar ik over kan stappen op de intercity naar Maastricht, maar op deze toch best mooie dag is het niet heel erg vervelend halverwege over te stappen van de ene Sprinter op de andere – en daarna nóg ergens anders over te moeten stappen op de Intercity naar Maastricht. Ik bedenk me dat station Utrecht Centraal een beangstigende plek kan zijn voor wie niet zo vaak met de trein hoeft. Het knoeksende geluid dat de aankomende treinen maken bij het passeren van een wissel is storend, en het kabaal dat ontstaat als zo’n ding remmend tot stilstand komt op ‘t perron is zo mogelijk nog erger. Als het gekerm van een gekwelde ziel in het vagevuur. Ergens vreemd dat treinen niet alleen maar recuperatief remmen. Dat zou niet alleen een boel kabaal, maar ook veel stroom besparen.

De Intercity van Utrecht naar Maastricht bevalt me eigenlijk prima, en het lukt me ook nog eens wonderbaarlijk goed wat bladzijdes weg te lezen en tegelijkertijd zo nu en dan wat naar buiten te kijken om het landschap te zien veranderen. Ook leuk dat er tegenwoordig een soort van railcatering rondloopt, en slim dat zij heden ten dage ook powerbanks verkopen om mobiele telefoons mee op te kunnen laden. Al doet het koffieliefhebbers pijn dat dat wat ze als koffie moeten verkopen eigenlijk stiekem een mengsel van vies oplospoeier met lauwwarm water is.
Dat maakt het wel héél verleidelijk toch maar een gekoeld blikje frisdrank of bier te kopen.

Een spoorboekje vind je nergens meer, maar gelukkig zijn aankomst- en vertrektijden loeihandig op te zoeken met behulp van een app op de mobiele telefoon. Deze vertelt me dat ik eigenlijk net een paar minuten te laat ben vertrokken om een mooie aansluiting te hebben. Al op het eerste station na mijn vertrekstation zal ik moeten overstappen op een trein uit een andere richting – en daarmee naar Utrecht, waar nogmaals overgestapt moet gaan worden. Utrecht Centraal is dus precies die plek waar het totaal niet lukt de concentratie te vinden om een paar woordjes te lezen. Wat een kabaal. Alsof de verschillende machinisten onderling een wedstrijdje doen wie met de meeste herrie tot stilstand kan komen bij hun aankomstperron. Gelukkig stopt er hier een trein die zonder dat er een volgende overstap nodig is naar Maastricht kan brengen, en ook verderlezen is in dat ding geen enkel probleem meer. De conducteurs laten lezende mensen vandaag keu-rig met rust. Het enige dat zo nu en dan de aandacht breekt is het landschap buiten. Zeker nu het landschap steeds exotischer aandoet met glooiiende welvingen aan de horizon, mensen die aan het werk zijn op het land en kuddes koeien die zo uit een schilderij van Paulus Potter lijken te zijn weggelopen. Iets later stopt de trein ergens middenop een groot industrieterrein. Door het rechterraam is een metershoge fakkel zichtbaar van restgassen waar kennelijk niets nuttigers meer mee te doen is dan het verbranden ervan. Zowel links als rechts van de trein is chemische industrie te zien, en dat blijft een tijdje zo ook nadat de trein weer in beweging komt. Meteen daarna is het juist weer zo schilderachtig dat het lijkt alsof je in een sprookjesbos terecht bent gekomen. Tot vlak naast het spoor groeien bomen waarin prille frisgroene lenteblaadjes net voorzichtig uit de knop komen, maar die toch al een stevige dichte kruin vol loof vormen. Aan de rechterkant van het spoor kabbelt een beekje. Idyllisch. Die idylle blijft, bij het uitstappen op Maastricht. Het lijkt een kopstation, maar stiekem is het dat toch niet; bij de meeste perrons eindigt het spoor bij een stootblok, maar er zijn een paar sporen die doorlopen, verder richting België.

Mijn reisdoel is bereikt, dus ik loop via de centrale hal van dit statige stationsgebouw naar buiten. Hier zijn geen poortjes, dus ik hoef met mijn boek niet uit te checken. Zelfs al zou ik het willen, dan kon het nog niet, want de paaltjes lezen alleen OV-chipkaarten en geen QR-codes. De verbindingsweg tussen het station en de binnenstad heet heel toepasselijk de Stationsstraat. Deze loopt door Wyck, waar ooit het zomerdrankje Wyckse Witte vandaankwam; een poging van investeerder Heineken om de oude Maastrichtse brouwerij De Ridder rendabel te kunnen blijven exploiteren. Dat drankje werd echter dusdanig populair dat De Ridder de vraag niet meer bij kon benen, waarna de productie naar elders werd overgeheveld en De Ridder werd gesloten. Na jarenlange leegstand wordt het omgebouwd tot appartementencomplex. Opvallend, in een tijd dat lokale en regionale bierproductie juist een enorme vlucht neemt, zoals ook juist blijkt nadat ik een terrasje op het Sint Amorplein bezoek voor de lunch. Daar maak ik kennis met Väöske van De Maestrichter Bierbrouwerij. Een werkelijk zalig donker bier dat perfect past bij dit moment en deze plek. Goede keuze.

Na de lunch loop ik wat verder het centrum in. Natuurlijk eerst naar het Vrijthof. Ook al zo kwelerig bezongen door Benny Neyman, maar nu vooral bekand van de openluchtconcerten van André Rieu. Nu is het plein een mooi open ruimte met statige oude gebouwen. Vanaf dit plein loop ik via de Brusselsestraat tot het Koningin Emmaplein. Alweer een fotogeniek plekje; op de rotonde groeien een paar bloesemende kersenbomen en de Sint Lambertuskerk funcioneert als belangrijke blikvanger aan de zijkant van dit plein.
Hiervandaan begin ik alweer rustig met de terugtocht naar huis. Eerst de Statensingel in, en dan via de Kazemattenstraat naar de Herbenusstraat naar Hoogfrankrijk. Met z’n ommuurde tuinen en een frituur die gevestigd lijkt in de garage van een gewoon woonhuis doet het hier heel erg Belgisch aan. Haast nog Belgischer dan België.
Op de hoek Grote Gracht-Mart zeilt een opgevoerd scootertje met een bloedgang de hoek om. De bestuurder heeft veel moeite het ding in bedwang te bouden en slingert hevig hevig over de kasseien van de Grote Gracht, terwijl de bijrijder letterlijk stuiterend loskomt van de buddyseat. Als door een wonder gaat dit allemaal goed, en knettert het ding verder de straat in alsof er niets is gebeurd.

Stiekem is de Markt een mooier plein dan het Vrijthof. Het oogt warmer, doordat het stadhuis middenop dit plein is gebouwd, wat de ruimte een beetje breekt. Het maakt het minder massaal. Minder kaal. Toch loop ik ook hier weer vlot voorbij, eerst een stuk richting de rivier, maar later via een kleine omzwerving toch weer naar het Vrijthof om vanaf een terrasje de dag te evalueren. Hierna wordt het toch echt tijd terug te gaan. Eerst een stukje richting Maasboulevard. Weer dat uitzicht over het water, de wijk Wijck en die markante tot wooncomplex omgebouwde brouwerij – en de Sit Servaesbrug, natuurlijk. Die is goed te zien vanaf dit punt, en ik denk terug aan eerder vanmiddag toen ik me afvroeg waar ik die brug zou kunnen vinden. Niet wetende dat ik er op datzelfde moment overheen liep. Boven mij vliegt een quadrocopter. Iemand anders vindt dit kennelijk ook een schilderachtig plekje en is vanuit een ander perspectief beeld aan het draaien. Ik loop terug de Stationsstraat in en pak de eerste de beste trein naar Amsterdam. Het is mooi geweest voor vandaag.

Share

Gelukkig nieuwjaar!

Sunday, January 1st, 2017

Nog de allerbeste wensen…

Share

De bierwedstrijd

Thursday, November 24th, 2016

Brusselse bierbrouwer Brussels Beer Project heeft een prijsvraag uitgeschreven waarin wordt gevraagd naar creatieve suggesties voor nieuwe biervarianten. De suggestie met de meeste stemmen wordt straks daadwerkelijk eenmalig gebrouwen.
Hartstikke leuk, natuurlijk, en daarom heb ik besloten mee te doen, en in te zetten op wat meer uitgesproken smaken als tegenhanger voor de tegenwoordige vaak zo allesoverheersende hopbitterheid. Mijn inzendingen zijn deze;

Beerdrop.
Een rijke porter met een dropachtige afdronk dankzij de toevoeging van zoethout en steranijs.

http://www.beerproject.be/en/contest/1727

Nat Neuzeke.
Een fris lentebier die dankzij de toevoeging van frambozen qua smaak wat lijkt op Gentse cuberdons.


http://www.beerproject.be/en/contest/1729

KBAC.eu
Het West-Europese antwoord op de on Oost-Europa ongekend populaire dorstlesser kvass.
KBAC is het homoglief voor de Cyrillische spelling van kvass.


http://www.beerproject.be/en/contest/1730

Speciaal voor de gelegenheid is deze pagina ook bereikbaar via KBAC.eu en KBAC.nl :)

MMXVII
Geschiedenis in een fles. Cervesia zoals de Romeinen het 2017 jaar geleden al maakten.


http://www.beerproject.be/en/contest/1731

Stemmen kan via de bovenstaande links. Iedere inzending kan beoordeeld worden met 0-5 kroondoppen en er is geen maximum aan het aantal beoordelingen dat je mag geven.
Natuurlijk zou ik nóóóóit bedelen om stemmen, maar iedere klik wordt gewaardeerd, en mocht ik iets winnen dan geef ik uiteraard een rondje :p

Share

Vrijdag de dertiende

Friday, May 13th, 2016

De laatste hand willen leggen aan een perfect verwoorde email, en door een misklik het hele tekstvak selecteren en vervangen door een spatie. Da’s vrijdag de dertiende.

Share

Dubai

Thursday, February 11th, 2016

After a miniature pub crawl through terminal A of DxB, it’s time to move toward the gate from where my flight to Jakarta will depart. I pick up the local English language newspaper, with the intention to read it aboard the plane. From the gate, a bus drives us onto the tarmac to a Boeing 777 parked in a rather remote location.
Again, the plane is not filled to capacity, and again I’ve got three seats at my disposal to nap on. THE magic trick to prevent jetlag.
Despite sleeping throughout most of the flight, my onboard data usage proved rather high. The explanation; one of the apps on my phone has the tendency to backup all photos taken to cloud storage, _if_ it is night, connected to a charger and a wifi network. In this day and age of transatlantic fibre optic cables, it feels kinda oldschool, knowing my photos are now relayed via satellite for a change.
Interesting when taking into account I only bought a data package for this leg of the flight in order to look up the address of my sponsor, to fill out on the immigration form.
Once in Jakarta, it took me some time to find the right line to enter the country through, but eventually I found the booth where I could get my visa stamped. After the usual rituals, involving withdrawing money in local currency, toilet break, gathering luggage and purchasing a local SIM card with a pleasantly bulky 4G data allowance. Just no not run out.

Then, it is time to take a first breath of sultry, humid tropical air. Mixed with exhaust fumes, but still, the warmth and waving palm trees, knowing people back home still experience winter is a delight.
Two of my acquiantances are coming to pick me up. First thing they do as we leave the parking lot is the huge billboard, announcing the solar eclipse. This looks promising.
Afterward we opt for coffee. This brought us to a rather generic mall away from the city, but it’s always a good thing to share food and beverages in good company. My first ever visit to Indonesia has officially started.

Share

Energiek dagje

Friday, September 25th, 2015

23 september 2015, drie uur ‘s middags verzamelen zich een handvol startups die zijn voortgekomen uit UtrechtInc, de incubator van Universiteit Utrecht. Zij zullen zich vandaag presenteren voor een select groepje genodigden. Een unieke wisselwerking. De aanwezigen krijgen een interessant kijkje in de dynamische wereld buiten de eigen organisatie. Dapper, want bijna alle bedrijfjes die zich hier presenteren vissen in dezelfde vijver, zie het ieder op zijn eigen manier, met een eigen visie.

De dag wordt ingeleid met een mooi praktijkvoorbeeld van één van de zich presenterende bedrijven die een project is gestart waarbij de klanten van een groot elektriciteitsbedrijf de mogelijkheid geboden wordt zonnepanelen te gaan huren. De daarbij opgedane ervaringen zullen voor beide betrokken partijen meer inzicht geven in een deel van de markt dat nog goeddeels onontgonnen terrein is. Deze samenwerking wordt vergeleken met een date “zonder meteen te trouwen.”

Hierna volgt een mooi betoog over intrapeneurship; het scheppen van een klimaat binnen een bedrijf, waarin het personeel zelf met creatieve nieuwe ideeen komt, en deze aktief verder ontwikkelt en in de markt zet. De boodschap daarvan is eigenlijk tweeledig. Niet alleen een stukje inspiratie voor de mensen op de werkvloer om een visie niet onuitgesproken te laten, maar ook een signaal naar hogere managementslagen om niet bang te zijn dat het eigen personeel er op termijn met alle klanten vandoor zal gaan. Als voorbeeld wordt aangehaald hoe Gmail is ontstaan uit het knutselwerk van een medewerker van Google, die van zijn werkgever daartoe de vrije hand heeft gekregen. Verder wordt de transitie van de mijnbouwbedrijven DSM en 3M gegeven, die zich allebei hebben omgeturnd tot producent van van alles en nog wat.

Nu is het de beurt aan de startups om zich te presenteren. Wat mij heel erg opvalt; de drie startups Senfall, Cohere en Solease zijn elk in hun eigen niche bezig, maar schuren wel redelijk dicht tegen elkaar aan en zouden elkaar uitstekend kunnen versterken. Senfall is op de keper beschouwd gewoon een energieleverancier, die net als alle anderen groothandelsvolumes elektriciteit inkoopt en dit verkoopt aan haar klanten. Waar Senfall afwijkt van de traditionele electriciteitsbedrijven is dat deze al vooruitloopt op de markt van morgen, waarin het elektriciteitsnet slim is, en de prijs van minuut tot minuut kan stijgen of dalen, afhankelijk van vraag en aanbod. Ze hebben algoritmes ontwikkeld die op basis van de actuele vraag en aanbod van elektriciteit verbruikers in of uit kunnen schakelen, om zo vraag en aanbod zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen. Als voorbeeld hiervan worden industriële koelcellen en de pompen van waterschappen benoemd. In al die gevallen is er een bandbreedte waarbinnen alles eigenlijk wel okee is. In een vriescel die niet te warm of te koud is, mag het best een beetje warmer worden als er even niet gekoeld hoeft te worden, maar kan er ook eerder dan nodig weer begonnen worden met bijkoelen als de prijzen dalen omdat het hard waait of de zon volop schijnt.
Datzelfde geldt voor het op peil houden van rioolputten of het grondwaterpeil in de polder. Afhankelijk van de elektriciteitsmarkt is het uitstekend mogelijk wat eerder of later beginnen met pompen zonder dat dit direkt tot overstromingen leidt. Eigenlijk haast te vergelijken met de tijd dat polders nog met windmolens werden drooggehouden; als het even kan pomp je alles weg als het daar hard genoeg voor waait.
Op een heel andere manier doet Cohere iets soortgelijks. Zij verkopen zelf geen stroom, maar wel manieren om slimmer met elektriciteit om te gaan. Hierbij richten ze zich heel sterk op de eigenaars van elektrische auto’s, die tegelijkertijd met het installeren van een autolaadpunt en/of zonnepanelen een kastje aan kunnen laten sluiten dat het complete elektriciteitsverbruik van de gehele woning constant bemetert en op basis daarvan de elektrische auto sneller of langzamer laat laden. Naar keuze kan deze een auto supersnel opladen, door alles wat de huisaansluiting over heeft naar de autoaccu te sturen. Er kan echter ook voor gekozen worden alleen de opbrengst van de eigen zonnepanelen naar de auto te sturen. Dit maakt het mogelijk de auto vol te tanken zonder daarbij stroom uit het openbare net te hoeven kopen.
Startup Solease is tijdens de inleiding al aan het woord geweest, en wat zij doen is inmiddels duidelijk; ze verhuren zonnepanelen aan particulieren. De huurprijs ligt beneden de inkoopprijs van de door de panelen geleverde elektriciteit, dus iedereen met een geschikt dak kan vanaf dag één bespáren op z’n maandlasten.
Een combinatie van de huurzonnepanelen van Solease op het dak, de hardware van Cohere in de meterkast en de software van Senfall die apparaten in- of uitschakelt en je hebt een perfect enerziezuinig en slim huis dat zo min mogelijk stroom uit het net inkoopt of eraan teruglevert.

De overige startups die aan het woord komen zijn Sustanalyze, Cashwijzer en Repurpose. Stuk voor stuk mooie projecten en initiatieven om rekening mee te houden.
Cashwijzer is een bedrijf dat belooft te ontzorgen en besparen; geef hun een schoenendoos vol verzekeringspolissen en nutsproducten, en zij stappen voor je over naar een goedkopere bank, verzekeraar, kabelaanbieder, telecommaatschappij, internetprovider et cetera. Gegarandeerd tegen dezelfde of betere voorwaarden en tegen een lagere prijs – plus de garantie dat de kosten van hun consult lager uit zullen vallen dan de gerealiseerde besparing.
Repurpose en Sustanalyze zijn beide bedrijven met een mooi duurzaam doel voor ogen. Repurpose herbruikt bouwmaterialen die anders na sloop of verbouwing gestort zouden worden, en maakt daar esthetisch fraaie nieuwe dingen van. Als concrete voorbeelden worden een muur van oude deuren en een stoep betegeld met afgedankte vensterbanken aangedragen. De begeleidende foto’s die door de beamer op groot scherm worden geprojecteerd maken indruk.
Sustanalyze gooit het over een heel andere boeg. Akshay Patel vertelt over zijn kantoren in Nederland en India waar onderzoekers en ontwikkelaars aktief worden ondersteund in hun werk en waar wordt gestreefd naar het produceren van eigenlijk alles, met zo min mogelijk impact voor veiligheid en leefomgeving. Een mooi streven, maar misschien net iets te abstract voor dit publiek. Meteen na afloop van de presentaties is er tijd persoonlijk van gedachten te wisselen met de mensen achter deze startups, en daarbij blijft het tafeltje van Akshay angstvallig leeg, terwijl het juist drukte van belang is bij het tafeltje van Senfall. Er wordt druk gevist naar het geheim achter hun software. Hoe voorspelt deze de onbalans in het net? Prognoses op basis van de APX-prijs van gisteren? Fluctuaties in de lichtnetfrequentie? De jongens van Senfall houden wijselijk hun kaarten dicht tegen de borst en laten alleen maar los dát hun algoritme werkt en zich al in de praktijk bewijst, maar zeggen niet hóé. Wel volgt de boodschap dat ze van harte bereid zijn een licentieovereenkomst te sluiten met energiebedrijven die iets met hun platform zouden willen doen. Waarvan akte.
Daarna sluit ik me aan bij het groepje dat spreekt met Jan-Willem Heinen van Cohere. Qua hardware niet veel meer dan een industriële computer en wat meetspoelen in de meterkast, maar onder de motorkap zit ook hier een doordacht stukje software. Dat verklaart meteen waarom Cohere zich richt op mensen die elektrisch gaan rijden; bij het aansluiten van de laadpaal moet de groepenverdeelkast toch open, en kan de installateur zonder veel extra moeite de apparatuur van Cohere inbouwen. In de toekomst zou de auto ook dienst kunnen gaan doen als thuisbatterij, zodat de wasmachine op momenten met weinig wind of zon tóch kan draaien, op de accu van de Tesla op de oprit.
Eventjes dwalen mijn gedachten af naar dat megagrote pand in Amsterdam Zuidoost waarin het Europese hoofdkwartier van Tesla huist. Wat een gemis dat er geen enkel zonnepaneel of zonneboiler te bekennen is op het o zo saaie zwarte, platte bitumendak van d´t gebouw – terwijl het moederbedrijf van Tesla hectares en hectares goedkope woestijngrond in Texas en Utah volplempt met panelen. Jammer. In een klein en dichtbevolkt land als Nederland is het tenslotte geen overbodige luxe om slim met grond om te gaan. Wat is een mooier voorbeeld van efficient en intensief bodemgebruik dan het energieverbruik van een gebouw te verlagen door een paar platen op het dak te schroeven? Dit was ook meteen de kernboodschap van het idee waarin ik zelf in maart 2015 meedeed aan een ideeënwedstrijd, waarbij ik voorstelde om platte daken van appatementscomplexen en bedrijfsverzamelgebouwen zo goed mogelijk in te richten voor de opwek van zonneenergie, en deze naar rato te verdelen onder de gebruikers van deze panden. Zonder rendements- en transportverliezen bij opwek en transport, en zonder transportkosten voor de eindgebruiker, waardoor de consumentenprijs per kilowattuur zelfs l&aaucte;ger is dan die van stroom uit de fabriek. In een iets aangapaste, meer op coolroofing gerichte, vorm doet ditzelfde idee mee aan een andere ideeënwedstrijd. Tot maandag 28 september kan er nog op mijn idee gestemd worden via https://www.voordewereldvanmorgen.nl/duurzame-projecten/coolroofnl.

Na afloop van de groepsgesprekken aan tafel komt er een eind aan het formele programma, en is het tijd om informeel te genieten van kaasblokjes en cola. Daarbij spreek ik nog even kort met Pierre Vermeulen van Solease die prachtig kan verhalen over de drie jaar dat hij in India woonde en werkte, en de problemen die een overbelast electriciteitsnet, slecht geïsoleerde gebouwen en loeiende airco’s met zich meebrengen. Dit bevestigt mijn gedachte dat coolroofing meer dan de moeite waard is.
Ook Pierre’s visie op de arbeidsmarkt, waarbij mensen niet puur worden gewaardeerd op het feit dat ze elke dag netjes van acht tot vijf in een geestdodend saai kantoor achter hun computer zitten met een treurniswekkend bakje automatenkoffie in een plastic bekertje bij de hand, maar waar het meer gaat om wat de persoon feitelijk gedaan krijgt, ongeacht het moment of de plek waar dat gebeurt. Ik vraag of dat niet leidt tot een cultuur van digital nomads, die hun kantooromgeving verruilen voor bijvoorbeeld een hangmat op Bali. Blij verrast hoor ik Pierre zeggen dat hij dat wel prima zou vinden. Mooi om te horen, en een mooi, inspirerend einde van een inspirerende bijeenkomst.

Share

AB1234

Sunday, March 22nd, 2015

Kuranda. November 15th, 2012. The day after the eclipse.
Here, in Kuranda, as we wait for the cable car that’ll bring Dirk and me back down from this scenic mountain town I suddenly spot a face I recognize from photos. Glen Schneider is casually munching his ice cream, queueing for the cable car. As I hear him out on his plans to go to Sao Tome for the 2013 eclipse, the topic shifts to 2014. For the first time I hear about a renewed cooperation with Air Events and plans to organize a flight to intercept the 2014 eclipse. That vey instant I decide that’s the flight I will be on. The experience I had aboard flight QF2901 from Melbourne to Melbourne, intercepting the solar eclipse over Antarctica, combined with the positive stories heard about Air Events, and especially their 2008 eclipse flight, plus the simple fact Dusseldorf is so close to where I live that it’s safe consider it home turf. All things considered, it became a no brainer.

March 19th, 2015. The trip to Dusseldorf indeed proved an easy commute. Especially when taking into account in the last few years the eclipse brought me to all corners of the world. A convenient two hour drive brought Erica and me to the outskirts of Dusseldorf, where we had pre-booked a parking spot at Parkvogel’s garage. Upon arrival, the guy checking us in kindly asks our inbound flight number, so that he can arrange pickup at the airport. When I tell him our flight number, he responds in disbelief: “Es gibt kein Flug AB1234.”Luckily the printout of the pdf booklet provided by TravelQuest is within easy reach in the trunk. Not much later we were all set, and on our way by shuttlebus to the airport – from where a short walk is all it takes to enter the hotel and check in. Well before noon.

Since there’s time to kill and a city to explore, we ask the woman working the lobby how to get to the city center. It proves just as easy and convienient as the rest of the trip has been this far; the train station is located in the basement of the building housing the hotel. A handful of stops out, we exit the train and enter the epicenter of Dusseldorf. A vibrant and friendly city worthy of a stroll, just to admire the architecture. Though the area round the boulevard bordering the river Rhine prove a tourist trap, tough competition in these many bar streets does enable us to have a tasty and nutricious lunch on a budget.

On our way back to the railway station, suddenly Erica holds her pace and told me she feels the urge to visit a genuine German beer brewery.
Oddly enough, the Schumacher brewery turns out to be right round the corner. A small crowd of people in front of the building clearly indicates there’s something going on. As it turns out; three days per year, each third Thursday in March, September and November, this brewery sells and serves their rare Latzenbier, specially brewed for these occasions.

Despite the bustle, it proves remarkably easy to enter. At the gate, we’re provided with a wristband that grants access, and from there an alley leads to a square where music is played and lemonade glasses filled with dark beer are served, along with Currywusrt.

There’s something special about casually sipping beer in a crowdy courtyard, while, from the adjacent building, you see a plume of smoke rise from an old fashioned brick smokestack. It’s almost a pity that we can’t stay for long, but we do have a better place to go; this evening, the eve of the eclipse, there’ll be a mandatory briefing at the hotel we have to attend.

As we make our way toward the exit, it becomes obvious getting in with so much ease was a matter of pure luck or great timing. A line of people is now waiting to enter. We hand in our paper wristbands, allowing two thirsty people to enter the alley and join the fun we leave behind.

Back at the hotel, we receive our briefing, some paperwork and a wallet containing a nametag and commemorative pin. Aside from information on the things we will have to watch for during the flight, we also receive more information regarding the flight itself, and the way Isavia, Icelandic air travel control, will cater with the huge number of sightseeing flights in their airspace. Sadly, our flight was moved to a lower altitude and slightly different flight path than previously planned – underscoring they put lots of effort in keeping the skies safe, while enabling lots of people aboard a multitude of flights to have a great view of the eclipse. Though it does feel like a sacrifice that the duration of the eclipse will be shortened by these interventions, it’s soothing to know precautions are taken to ensure we’ll return to Dusseldorf safely.

Post briefing, there’s the opportunity to socially mingle over snacks and softdrinks. We’ve just been informed, though, that the checkin counter will only be open between 05:00 and 06:00 tomorrow morning, which is a good reason to not spend too much time out. To find some peace of mind, before going to sleep, we first walk through the airport to find where we need to go to, tomorrow, to check in. The counters mentioned during the briefing are remarkably close by and easy to find, not much more than a few steps from the sliding door where we enter the airport. Finding a quick bite that can double as dinner proves to be more challenging. All the outlets at the airport are closing down for the night. Luckily we can still eat at the hotel, so there’s no need to go to bed hungry.

Despite the intention to be in the dining room at 05:00 sharp, grab a quick bite and then check in, it proves difficult to rise this time of day. By the time we get to the dining room most people have already left. Though there’s still time, it does make me slightly nervous and less able to enjoy my breakfast and early morning coffee. As we walk to the airport, Kelly Beatty greats us at the door. Erica askes “Are we last?” Kelly confirms. “Yes, you are.” Though the counter will stay open for another half hour or so, everyone has already checked in. A great example of Punktlichkeit.
At the gate, we’re joined by some people booked on AB1000, the other eclipse flight out of Dusseldorf. Dan Fischer philosophically utters what’d happen with the ecipse chasing community if the roof over our heads would collapse. After yesterday’s briefing, hearing about the many flights that’ll have to share a relatively small patch of airspace, I try to refrain from fatalistic thoughts.

A cup of coffee and an hour or so later, the boarding call for our flight sounds. Minutes later, everyone’s on board and ready for departure. Well ahead of schedule. Even airborn things run smoothly. A PA announcement informs us that circumstances are favorable. It appears air traffic control has been prioritizing this flight, and even allowed us to climb to a higher than normal altitude. There’s hope we’ll be allowed to keep flyin this high, but, in Icelandic airspace, Isavia directs us to the lower altitude mentioned during yesterday’s briefing.
Over the Faroer, we are unable to spot any islands. All we see are clouds. Though I do wish the people on the ground all the best, to me, this underscores it was a wise decision to book a flight rather than a ground based tour.
The eclipse run starts, and excitement grows. People have been setting up tripods or improvised camera stands, and so have I. My setup consists of little more than two tiny cameras, one with eclipse filter and one without, fit to the window with little more than camera mounts with suction cups, and here and there some duct tape. Basic, straightforward and minimalistic. It is remarkable how cool the flight crew is about all this, because everyone everywhere is fitting all kinds of makeshift objects and devices to chairs, walls and armrests. In addition to clamps and suction cups, there’s duct tape everywhere. This plane, D-ABMV, is scheduled to make more flights later today. I feel sorry for the people who’ll have to ensure the walls and armrests don’t feel sticky.

It’s impossible to see the ocean from up here; all we see beneath us are clouds. This makes a beautiful backdrop for the slowly approaching lunar shadow, though. It is as if a dramatically hovering dark blot of ink creeps and crawls closer. I am surprised by how slow it appears the move. During ground based observations, this shadow just hits you like a wall of darkness, rolling in mercilessly. In preparation for the eclipse, the lights on board are dimmed. Even the lights that indicate it’s illegal to smoke get switched off. This surprises me, as they stayed on during the 2003 eclipse flight over Antarctica.
The eclipse itself is enjoyed the way it should be. Rather than wasting time peeking through a viewfinder, I simply let both cameras record without bothering what the outcome may or may not be, and as good as possible, we try to share the window and give each other the opportunity to gaze at this beautifully eclipsed sun. Whether totality lasts seconds or minutes, it always appears to consist of nothing but an instant. It’s so overwhelming it’s virtually impossible to keep track of time and place. Luckily, such things can be outsourced to machines – simply by timing the event afterward, based on video footage.

After totality, the plane makes a right turn – we’re heading back toward Germany. A number of people share their post-eclipse rituals with us. Short speeches are given, songs are sung, the eclipse flag paraded through the aisle. There’s a feeling of joy and relief. We’ve seen it. The flight crew provides all passengers with a small bottle of Champagne we eagerly uncork.

It is generally considered not done to wear, or even buy, a T-shirt commemorating an eclipse that didn’t happen yet. Concert-goers know that you are not supposed to wear a shirt of the band you’re about to see when going to a concert. The same unwritten rule applies to eclipse viewing. Some people will even claim it brings bad luck. Whether it’s actual superstition or just a tradition, I treat it with the respect it deserves by wearing the very same shirt I wore during the 2012 and 2013 eclipse as well; Micheal Zeiler’s shirt listing all eclipses from 2012-2045. My post-eclipse ritual involves marking my location on the map on the front of this shirt and ticking the corresponding box on the backside using a waterproof marker.

Both cameras are still recording. Eventually, they’ll run out of memory or power. The eclipse may be over, but they might still register some interesting visuals or announcements on the way back. After touchdown the improvised camera mount will be dismantled. First, it’s time to rest on our laurels and enjoy the peaceful afterglow.

Eventually, we return to Dusseldorf, where the plane taxies to a remote location. This allows us to take a group photo with the plane itself in the background. Another eclipse is history. My twelfth.

Back at the hotel the first thing people mention to us is that the power stayed on. I am pleased to hear that. Since I operate power plants for a living, I am well aware how delicate and tender the power grid is, and that balancing supply and demand is more than just a job. It’s an art. Especially in a country like Germany, where solar power provides more than half of the country’s demand for electricity on a sunny day, but significantly less once clouds roll in. The dimming effect the passing penumbra has on the inflow of solar power to the grid is comparable, but much stronger than a passing cloud here and there – it occurs throughout an entire continent in a relatively short period of time. Knowing how well today’s challenges were coped with does give me an ego boost, despite the fact I spent my day up in the air rather than in a control room.

In the lobby of the hotel, we get the opportunity to meet up with Michael Smith and his wife, who were aboard the Eclipse-Reisen flight AB1000. Over a Weizenbier their short trip through Germany, today’s and previous solar eclipses and life in general are discussed. Then, we head to the dining room where we dined yesterday and had breakfast this morning for the post-eclipse buffet.

March 21st, 2015. We return, yet again, to the same dining room. Much more at ease than yesterday. Coffee, and omelette and today’s newspaper. What a great way to start a new day.
Once done packing, we head to the counter to check out of the hotel and call the parking garage, informing them we’re ready to be picked up by their shuttle bus. We bid farewell to Kelly and Cheryl Beatty, and recommend them to drop by at microbrewery De Drie Ringen in Amersfoort on their way home. A name that proves hard to pronounce.
The same driver who brought us from the parking garage to the airport is also the one taking us back. Just as friendly and cheerful as she was two days ago. She mentions that the local circumstances in Dusseldorf have not been favorable to observe the partial – though she did manage to see a beautiful crescent through a thin haze of clouds, followed by a bright, blinding light though what eclipse chasers would refer to as a ‘lucky hole.’
Once back at the parking garage, we swt sail to our next destination. Brussels. For some reason my satnav fails to get a GPS fix, so I have to rely on intuition, carrier pigeon instinct, roadsigns and the part of the map I memorized – and, yes! This did bring us to the hotel in Vilvoorde we reserved for tonight. Conveniently located right next to the train station. Like in Dusseldorf, the heart of the city is only a few stops out. The city walk is rather brief. We stop at Beer Project Brussels; a new microbrewery launching their new IPA named Baby Lone. The most interesting thing about this beer is that the source material is old bread, sourced from a number of bakeries. There are platters on the table filled with sliced bread made from beer made from bread.
Toting around a 12-pack of their beers, we undertake a short city walk that includes Manneken Pis and a waffle.

March 22nd, 2015. After checkout, I drive Erica to Zaventem airport, from where she returns to the US. I decide to act like a tourist for the remainder of the day. Cruising around Brussels, stopping at the Lion of Waterloo and eventually spending some time at what apparently is the second best pub in the world; In De Verzekering Tegen de Grote Dorst. Only open on Sunday morning or by appointment. Known for serving the local specialty, known as Geuze. A kind of beer so sour it makes you cringe. In interesting place catering for interesting people. Here, I speak to musicians and thir kid. They mention their work used to bring them to The Netherlands frequently. The man even claims to have flanked Neerlands Hoop occasionally in the seventies.
Later, they make room for a really nice couple running an AirBnB nearby, taking their American tennant out for a casual drink before lunch. They know a lot about the Pajottenland and the valley of the Zenne river, where Geuze and Lambic thrive. My attention is drawn to a bus tour through the region, scheduled for May 3rd. Although it looks tempting, I decide it’s better to just report for work, that day, saving some money for next year’s trip to Indonesia.

Share

Trending topic

Saturday, January 11th, 2014

Urenlang was ZZP een trending topic op Twitter. De aanleiding ervan was het artikel van Maarten Camps waaruit ik gisteren citeerde. De berichtgeving erover geeft kleine ondernemers het gevoel dat ze as een klein kind bij het handje gepakt gaan worden en net zo streng betutteld zullen gaan worden als mensen die hun werk doen in loondienst. In nogal rechtstreekse bewoordingen wordt, vooral, afschuw uitgesproken over de suggestie verplichte volksverzekeringen ook te verplichten voor vrije beroepsbeoeffenaars. Ik geef ze daarin geen ongelijk, maar vind het wel wat kortzichtig. Iedereen is gebaat bij goede basisvoorzieningen, en drempelloze toegang tot branchespecifieke pensioenfondsen is goud waard – zelfstandig pensioen opbouwen door middel van lijfrentes en dergelijke wordt alleen maar moeilijker.
Wel ben ik blij dat er nu wat discussie is; meer en meer zie je dat ZZP’ers steeds minder toeleverancier worden, en meer medewerker, en tegelijkertijd zie je dat van loonarbeiders steeds meer een commerciële manier van werken wordt gevraagd. Wat is de meerwaarde van een arbitrair stukje papier als de VAR? Zou het niet beter zijn als WW en WIA worden omgebouwd tot een vrijwillige inkomensverzekering? Zouden noodzakelijke sociale voorzieningen niet gewoon in de inkomstenbeasting verwerkt moeten worden, zonder discrimatoire verplichte regelingen voor verschillende doelgroepen? Niemand is gebaat bij een starre, overgereguleerde arbeidsmarkt.

Nóg weer een reden naar sign.basicincome2013.eu te gaan… de inzameltermijn eindigt vandaag.

Share

Maarten Camps

Friday, January 10th, 2014

De arbeidsmarkt van de toekomst vereist een stelsel dat mobiliteit niet belemmert maar bevordert en waarin ruimte is voor enige keuzevrijheid. Dat betekent ook dat de bestaande niveaus van collectiviteit, solidariteit en risicodeling ter discussie kunnen komen te staan. Concreet kan hierbij gedacht worden aan een basisvoorziening voor alle werkenden op een lager niveau (met een verzekeringsplicht), waarbij op individueel en sectorniveau aanvullende afspraken gemaakt kunnen worden. Bij een fundamentelere reactie past ook dat het niveau van de huidige fiscale faciliteiten voor zelfstandigen, zoals de zelfstandigenaftrek, opnieuw wordt bezien.

Dat zijn de wijze woorden van Maarten Camps, secretaris-generaal van het ministerie van Economische Zaken, in een opinieartikel in vakblad Economisch Statistische Berichten. Wat mij betreft sluit dat naadloos aan bij mijn stukje van afgelopen maandag. Al zou een dergelijke regeling wat mij betreft moeten gelden voor iedereen met een belastbaar inkomen en niet voor “werkenden” alleen.

Het is overigens nog steeds mogelijk het Burgeriniatiatief voor een Onvoorwaardelijk Basisinkomen te ondertekenen.

Share

Onvoorwaardelijk Basisinkomen

Monday, January 6th, 2014

Normaal hou ik er niet van om activistisch en politiek getinte oproepen te doen, maar nu maak ik daarop een uitzondering. Nog tot 14 januari worden er steunbetuigingen ingezameld om het Onvoorwaardelijk Basisinkomen besproken te krijgen in het Europees Parlement. Persoonlijk is dat iets waar ik echt in geloof. Niet in de laatste plaats omdat de sociale zekerheid nu een afzichtelijk lelijke lappendeken van regeltjes, subsidies, toeslagen en aftrekposten is. Regetjes die niet alleen voor degenen die er aanspraak op kunnen maken dusdanig vaag zijn dat er tenenkrommend irritante voorlichtingscampagnes nodig zijn om uit te leggen hoe het werkt – ze zijn ook nog eens dusdanig log en lomp dat er een heel leger ambtenaren nodig is deze regels uit te voeren en te controleren. Mensen die écht wel meer capaciteiten hebben dan bij mensen thuis tandenborsels tellen om na te gaan of een bijstandstrekker niet stiekem samenwoont. Om nog maar te zwijgen over het feit dat het niet aantrekkelijk gemaakt wordt voor om te gaan werken als iemand direct wordt gekort op z’n WW, kinderbijslag, bijstand, Wajong of studiefinanciering zodra hij of zij gaat werken. Dat werkt demotiverend, staat een inclusieve samenleving in de weg, en zorg bovendien dat inkomensvoorzieningen nog lastiger te controleren zijn – en de overheadkosten hoger. De enige werkbare en houdbare oplossing is het verstrekken van een gegarandeerd basisinkomen. Een maandelijkse toeslag voor iedereen, ongeacht leeftijd, burgerlijke staat, vermogen of beroep. Het kan in één klap alles van kinderbijslag tot AOW en alles ertussenin vervangen, en maakt huursubsidie, koopsubsidie, zorgtoeslag, KOR, sporters- en kunstenaarssubsidies, zelfstandigenaftrek, studiefinanciering en al die andere subsidies overbodig; wie geen aanvullende bron van inkomsten heeft kan ervan leven, en wie het niet nodig heeft betaalt het via de belasting terug.

Het concept van een gegarandeerd basisinkomen is niet nieuw. Diverse publicisten, waaronder Thomas More, Thomas Paine en Pim Fortuijn hebben het bepleit, en in Nederland adviseerde de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid de invoering ervan. Dat gebeurde in 1985, middenin een recessie die heftiger was dan het economische dip dat we nu doormaken. In 1992 herhaalde het Centraal Planbureau die oproep. Heden ten dage is de definitie van arbeid lang niet meer zo star als toen, nu er steeds minder gekeken wordt naar de tijd die op de werkplek wordt doorgebracht, maar meer en meer naar de hoeveelheid werk die wordt verzet. In de negentiger jaren was er nog geen sprake van stukloon bij postbezorgers, bestonden de termen ZZP’er en Het Nieuwe Werken nog niet eens, en ook van een participatiesamenleving had nog niemand gehoord. Toch was er toen al het besef dat er een betere manier bestaat om het recht op een levensstandaard, die hoog genoeg is voor de gezondheid en het welzijn van zichzelf en zijn gezin te garanderen dan stempelen.

Afgelopen zomer is het in Zwitserland gelukt voldoende handtekeningen te verzamelen om een referendum af te dwingen over het voorstel maandelijks 2500 Zwitsese franken bij te schrijven op de bankrekening van iedere Zwitser. Nederland heeft een minder directe democratie dan Zwitserland, maar tot 14 januari kunnen voor- én tegenstanders van een gegarandeerd basisinkomen het Burgerinitiatief ondertekenen op sign.basicincome2013.eu om ervoor te zorgen dat er in ieder geval eens serieus gesproken gaat worden over dit onderwerp in het Europees Parlement. Ondertekenen kan nog de hele week :)

Share

Kerstwens

Monday, December 23rd, 2013

De afgelopen 3 jaar is het een beetje traditie geworden voor mij om kerstkaarten te laten drukken en versturen, maar het liep voor dit jaar wat anders dan gepland. Ik had wel een mooi ontwerpje in gedachten; de besneeuwde bergtoppen van het Rwenzorigebergte, voorzien van de tekst “Kerstgroetjes uit Oeganda” – gedrukt bij een lokale drukkerij, en verstuurd door Posta Uganda. Bij de huidige koers van de shilling kost dat maar 53 cent per stuk. Helaas liep dat wat anders, en in plaats van een dubbelzijdig bedrukt A6’je in de bus stuur ik bij deze een lange reeks nulletjes en eentjes door een netwerk van glas- en koperkabels om iedereen die dit leest hele geslaagde kerstdagen en een goed 2014 te wensen. Wees voorzichtig met vuurwerk en pas ook op met de geflambeerde flensjes uit de Allerhande. Eén scheutje Grand Marnier is meer dan genoeg. Je hoeft er echt geen hele fles over leeg te gieten.

Zoals het hoort zal ik heel gul een goed doel ondersteunen. Ik heb mijn hart al laten spreken door het Europees Burgerinitiatief voor een onvoorwaardelijk basisinkomen te ondertekenen. Het wordt tijd dat oerwoud aan bizarre en onbetaalbare toeslagen, subsidies en regelingen om te vormen in iets dat simpeler en uitvoerbaarder is.
Vanuit de Kerstgedachte maak ik ook een bedrag over aan de rangers van Virunga – het oudste natuurpark van Afrika, en misschien wel het mooiste park ter wereld, dat helaas al jaren geen bezoekers meer kan verwelkomen door die stomme burgeroorlog. Vandaar dat ik een bescheiden donatie doe via gorilla.cd en hoop dat meer mensen mijn voorbeeld volgen.

Goede feestdagen en een productief 2014 toegewenst.

Share

A380

Saturday, November 3rd, 2012

De eerste etappe zit erop; na een vlucht van elf en een half uur ben ik veilig aangekomen in Singapore. De stad doet z’n naam eer aan, want het regent een beetje.
Ik heb m’n kamp opgeslagen in een jeugdherberg in Little India, op tien minuten loopafstand van treinstation Bugis. Een kaal hok met een handvol stapelbedden, maar wel erg goedkoop, vriendelijk – en gratis ontbijt en wifi.

De dag begon gistermiddag, als te verwachten, op Schiphol. Inchecken verliep vlotjes, en er wer omgeroepen dat om vijf uur Hans Klok een verrassingsoptreden zou komen geven op de kruizing van de B- en C-pier.
De grootste verrassing was dat ie voor vijven alweer z’n biezen pakte. Toen ik op de genoemde tijd op de genoemde plek aankwam was hij bezig met z’n laatste truc – en door de plek waar ik stond zag ik precies wat hij deed. Dan is meteen de charme van z’n truc verdwenen :(
Na een behoorlijke tijd wachten mocht ik mee met het vliegtuig naar Frankfurt, waarvandaan het toestel dat me naar Singapore zal brengen vertrekt.
Het zou mijn eerste vlucht worden aan boord van ee A380, en ja, ze staan hier echt aan de pier. Twee enorme beesten van vliegtuigen naast elkaar, verbonden met ‘t gebouw met drie slurven elk. Indrukwekkend; groot, maar absoluut niet lomp. Eerder rank en elegant.
Binnen, in de economy-class op het onderdek althans, ziet de A380 er eigenlijk net zo uit als een normaal widebodytoestel. Dezelfde krappe stoeltjes waarin je knieschijven bijkans worden verbrijzeld zodra degene in de stoel voor je onaangekondigd z’n rugleuning achterovergooit. Het zou net zo goed een A340 en een Boeing 747 kunnen zijn… alleen meer, en grotere, toiletten. Gek genoeg nog steeds met een asbakje binnenin de deur…
Bij vertrek merk je het verschil wel. Waar een 747 je met veel gebrul en geraas achterin de stoel drukt, pakt de A380 je vriendelijk beet, neemt een elegant aanloopje, maakt een sprongetje en neemt je schijnbaar moeiteloos mee naar boven. Het voelt allemaal heel vriendelijk en soepel, ondanks de brute kracht van dit beestje.

Share

‘Ik ben toch niet gek’

Tuesday, September 11th, 2012

Het is de bekende slogan van een winkel waar je maar één ding wilt zodra je er toevallig binnenloopt; zo snél mogelijk weer naar buiten!
Ze zijn misschien niet gek, maar Media Markt doet wel een beetje raar. Niet alleen hun reclames en winkels zijn lelijk, schreeuwerig en chaotisch, hun overige uitingen zijn van vergelijkbaar niveau.
Vorig jaar nog tourden Eins, Zwei Orchestra, Mr. Love & The Stallions en Novack gezamenlijk langs de Nederlandse podia. Drie bandjes voor de prijs van één. Een vriendelijke knipoog naar Halbe Zijlstra, die destijds al flink bezig was de culturele sector in de uitverkoop te doen. Vandaar dat de steden waar deze bands optraden werden volgehangen met posters die een beetje leken op uitingen van electronicazaken. Imitation is the sincerest form of flattery.

Ik ben toch niet mainstream?

Helaas voelde Media Markt zich niet gevleid door deze persiflage, en bij de organisatoren van Indieshop viel een boze brief op de mat. Dit jaar gebeurde precies hetzelfde, maar nu bij een kleine politieke partij die in hun poster de aandacht vestigt op een politieke keus van ruim een decennium geleden, waarbij is besloten containerladingen aan geld te spenderen aan de ontwikkeling van een gevechtsvliegtuig dat op termijn de gammele oude F16 moet gaan vervangen. Tien jaar geleden maakte Bob Fosko er al een liedje over, en dit jaar was het de basis voor een verkiezingsposter die moest onderstrepen dat het meebedenken van een vliegtuig wel leuk is voor de bedrijven die eraan verdienen, maar dat anderen meer gebaat zouden zijn bij een tablet waarmee ad-hocreferenda uitgeschreven en gehouden kunnen worden. Ook vernieuwende technologie, maar van een andere orde dan dat vliegtuig – dat inmiddels klaar is, dus er nu nog mee kappen heeft geen enkele zin meer.

De JSF voor een spotprijs

Wederom was Media Markt niet blij, en alweer werd de verspreider van de posters gesommeerd ermee te stoppen. Zelfs al weet Media Markt als geen ander dat ze daarin geen poot hebben om op te staan. Volgens de Austeurswet is het helemaal okee om iets of iemand te parodiëren en ook verwarring, als destijds bij iLocal, zal niet ontstaan. Het verschil tussen artiesten, kleine politieke partijen en een winkel is heus wel te zien.

Share

“Nederland wordt steeds dommer”

Monday, August 20th, 2012

Opinie… da’s het vormen en verspreiden van een mening. Gelukkig heeft ook Mathieu Weggeman daar het volste recht toe, al kan ik niet anders dan het hartgrondig met ‘m oneens zijn. Gistermiddag verscheen van zijn hand een opiniestuk waarin hij de facto pleit vóór censuur en afschaffing van lichamelijke opvoeding op scholen. De tijd die gespendeerd wordt aan het verbranden van caloriën, zou je ook kunnen besteden aan het lezen en analyseren van Catullus of Shakespeare. Hoewel, die twee schrijvers zullen beiden wel te banaal geacht worden om onderdeel uit te maken van Cultuureducatie.
Iedereen ziet wat ie wil zien, en dat kan ertoe leiden een, inmiddels wegens matige kijkcijfers geschrapt, Duits programma te verheerlijken, zonder in te zien dat Nederland met Zomergasten een vergelijkbaar juweeltje in portefeuille heeft én zonder te beseffen dat de meer dan dertig commerciële Duitse TV-kanalen dagelijks een stortvloed aan leeghoofdigheid over de argeloze TV-kijker uitstrooit. Hoe zat dat ook weer met die splinter en de balk?
Marcel van Dam zei ooit dat wie last heeft van geweld op straat een betere krant moet lezen. Ik zeg dat wie last heeft van domheid en onfatsoen in de samenleving betere dingen te doen heeft dan z’n avonden te vullen met een glas wijn voor de dwangbuis.

Share