Van zuid naar noord

October 28th, 2010

Een paar maanden geleden zat ik nog in het koude zuiden van Amerika. Het toeristenplaatsje El Calafate, woensdag nog wereldnieuws omdat de man van president Cristina Kirchner (die van 2003 tot 2007 zelf president was) daar een hartaanval kreeg, was toen het podium van het mooiste natuurfenomeen dat je je voor kunt stellen.
Saillant detail; in datzelfde plaatsje heb ik varkensvlees, bereid met honing en bier, gegeten. Deels omdat al die runderbiefstuk die me in Argentinië werd voorgezet begon te vervelen. Deels omdat varkensvlees minder mileubelastend is dan rundvlees (sec bezien is vegetarisch eten nog beter, maar dat red je daar niet. Zodra er minder dan 150 gram vlees per portie in een maaltijd is verwerkt, is het in Argentinië al vegetarisch) en in mijn achterhoofd heeft het vurige pleidooi dat Cristina Kirchner heeft gehouden voor het varken ook wel een beetje meegespeeld. Of datzelfde pleidooi, en hetzelfde gerecht, verband houdt met de dood van de ex-president, daar wil ik niet over speculeren.

Nu zit ik een heel stuk noordelijker op het Amerikaanse continent, en het is hier ook een stuk warmer. Omdat voor aanstaande maandag de laatste lancering van Space Shuttle Discovery op de agenda staat, vertoef ik op dit moment op Marco Island, Florida. Dinsdag bleken er, ondanks de stakingen in Frankrijk, genoeg werkwillige Parijzenaren te zijn om een redelijk vlotte overstap op Charles de Gaulle mogelijk te maken, en in de namiddag was ik in Miami, waar me nog een autorit van een uur of twee wachtte.
Er zijn, daar durf ik best voor uit te komen, prettiger plaatsen te bedenken om voor ‘t eerst in een automatisch schakelende auto te rijden als Miami tijdens de spits. Ik was blij de stad uit te zijn, al heeft de lange, rechte weg door het moeras die ik daarna moest volgen, Tamiami Trail, ook zo z’n nadelen. Omgerekend mag je daar 90 kilometer per uur, en je hebt echt cruisecontrol nodig om die snelheid vast te houden. Je wordt zo polderblind als de pest, en voor je ‘t weet rijd je te hard – en eigenlijk moet je dat niet doen in een gebied waar het achter de struiken schijnt te wemelen van de alligators, panters en poema’s. Ik heb ze nog niet gezien trouwens. Ik hoop nog wat diertjes te zien, maar dat zal ongetwijfeld goed gaan komen. Rondom groeien mangroves, en het kreekje dat hier vlakbij stroomt schijnt regelmatig bezocht te worden door zeekoeien en dolfijnen. En dat bij een temperatuurtje van rond de 30 graden. Ik vermaak me wel…

Share

Leave a Reply