Even naar de evenaar

October 31st, 2013

Binnenin de republiek Oeganda bevindt zich het koninkrijk Buganda. Sinds de jaren 90 wordt de monarchie weer erkend door de centrale overheid. Het parlement van het koninkrijk Buganda is open voor bezichtiging. Er is geen zitting op het moment dat ik het parlement bezoek. Was die er wel geweest, dan zou ik er weinig aan hebben gehad als ik op de publieke tribune had gezeten, want de vergaderingen hier zijn in het Luganda. Voor de rest zijn deze vergaderingen ook niet veel meer dan informatieve bijeenkomsten waarin de dagelijkse gang van zaken wordt doorgesproken. Dit parlement heeft waarde voor de Muganda, meer heeft verder geen besluitvormende of wetgevende macht. Datzelfde geldt voor de rechtbank, waar vooral familiekwesties worden uitgevochten. Een beetje vergelijkbaar met de kerkelijke rechtbanken die je in Europa op steeds meer plaatsen ziet – of met een uitzending van De Rijdende Rechter. Ondanks dat het eigenlijk alleen maar ceremonieel is, is de koning populair, en doneren de onderdanen een deel van hun inkomen aan het koninkrijk. Voor de ingang van het parlement staat een vrachtauto met stengels suikerriet en twee koeien erop. In een kantoortje verderop worden op naam gestelde gewaarmerkte certificaten verkocht. Veel families en bedrijven kopen er ieder jaar eentje, en hangen deze, ingelijst, tegenover de voordeur, zodat het het eerste is dat bezoekers te zien krijgen – en voor wie een Mugandameisje wil trouwen zijn ze verplicht onderdeel van de bruidsschat.
Vanaf de bovenverdieping van het parlementsgebouw kijk je uit over een lange, rechte weg die doet denken aan de soortgelijke kaarsrechte wegen die je in plaatsen als Grenoble, Parijs en Brussel ziet; Kabakaanjagala. Helemaal aan de andere kant van deze kaarsrechte weg zie je het koninklijk paleis. Eigenlijk is deze weg een rechtstreekse kopie van de Royal Mile van Edinburgh. Koning Muteesa kwam op het idee voor een kaarsrechte verbindingsweg tussen het paleis en het nieuw te bouwen parlement in 1953, tijdens zijn verblijf in Schotland. Het was de bedoeling de weg in te richten als laan, omzoomd met 52 bomen; voor iedere Buganda-clan eentje. Op dit moment is de weg nog geflankeerd door kale bermen van rood zand, maar dat gaat veranderen. Er is ruim zeven euroton geoormerkt voor een opknapbeurt van deze straat. Het aanplanten van bomen is meebegroot.
Het paleis, Olubiri Lwe Mengo, staat op de plaats waar al sinds 1885 een paleis staat, maar is in die tijd een aantal keren herbouwd. Dat hier heden ten dage uberhaupt nog een paleis staat komt dan ook vooral doordat ze het gebouw, na de staatsgreep van 1966, goed konden gebruiken voor andere doeleinden. Datzelfde geldt voor de bunker op het terrein die bedoeld was als munitiedepot, maar deze akelige kelder werd door Idi Amin gebruikt als martelkamer.

Buiten Kampala vind je een echt toeristending; de doorgaande weg van Kampala naar Masaka loopt praktisch over de plek waar de evenaar en de tweeëndertigste breedtegraad elkaar kruisen. Dat schreeuwt om een klassieke foute roadside attraction, en die vind je hier dus ook. Er is een witte lijn geschilderd over de weg, waarmee de grens tussen het noordelijk en het zuidelijk halfrond wordt gemarkeerd, en deze streep loopt door in ‘t restaurant naast de weg. Uiteraard staan sommige tafeltjes precies op deze lijn, met stoelen ten noorden en ten zuiden ervan. Ook zijn ze hier niet te beroerd om tegen betaling van tienduizend Shilling een bekend trucje uit te halen. Drie bakken zijn voorzien van reliëf dat ervoor zorgt dat water links- of rechtsom naar beneden kolkt, of juist rechtstandig naar beneden loopt. Hiermee doen ze net alsof het Corioliseffect zo sterk is dat een waterbak op het zuidelijk halfrond andersom leegloopt als in het noorden. De grootst mogelijke onzin, natuurlijk – maar afgaand op de reacties in het gastenboek zijn er hele volksstammen die erin geloven, en graag 3 euro betalen om zich te laten foppen.

Share

Leave a Reply