Dubai

November 18th, 2013

Omdat ik maar één dag te besteden heb in Dubai, probeer ik het maximale uit de dag te halen. Vroeg uit de veren, en op pad. Het is rustig op straat. De straat en de stoep zijn niet van saai asfalt of betonklinkers, maar van natuursteen. Omzoomd met palmbomen. Uiteraard zijn die bomen omslingerd met kerstboomlampjes.
Ik heb gereserveerd bij Burj Khalifa, maar ik besluit nu al mijn toegangskaartje te laten printen. Dat kan bij hun kantoor op de benedenetage van Dubai Mall. Het voelt goed dat toegangskaartje alvast op zak te hebben. Hierna ga ik met de metro naar de oude stad. Ik heb van de verhuurder een chipkaart voor het openbaar vervoer meegekregen. Het enige dat ik hoef te doen is 20 dirham chiptegoed bijop de kaart te zetten. Ongeveer 5 euro. Als je ‘t niet al te gek maakt, is dat meer dan voldoende om de hele dag gebruik te kunnen maken van bus en metro.
Het oude centrum is een must voor elke bezoeker aan deze stad. Dubai is de laatste 20 jaar gigantisch gegroeid, en bijna alle gebouwen buiten het centrum zijn van na 1990, maar de binnenstad ademt qua architectuur nog echt de sfeer van een oud Arabisch stadje. Helaas zijn de oude souks compleet overgenomen door Indiërs die zich ook hier bedienen van nogal opdringerige verkoopmethoden. Je kunt geen stap zetten of er springt weer iemand naar voren die je imitatiehorloges wil verkopen, of die probeert een theedoek op je hoofd te doen ‘voor de foto.’ Om de een of andere reden noemt iedereen me Jack Sparrow of John, en al heb ik reeds tig keer overduidelijk gezegd dat ik echt niet op de foto wil of hoef met een doek op m’n kop, en dat ik uit principe niets koop bij mensen die op m’n zenuwen werken, iedereen blijft het proberen. Volgens mij kun je alleen rustig in je eentje over deze markten lopen als je al een keffiyeh op je hoofd hebt. De minder toeristische goudmarkt een erg boeiende plaats eens rond te neuzen. Nergens ter wereld vind je zoveel goudhandelaars bij elkaar en je moet haast een zonnebril op tegen de flonkerende schittering van alle gouden sieraden in de etalages. Door tijdgebrek heb ik helaas de kruiden- en specerijenmarkt overgeslagen. Waar ik wel ben geweest is het Dubai Museum in het oude centrum.
Voor wie benieuwd is naar hoe een kleine nederzetting met wat kamelenhoeders, vissers en parelduikers uit heeft kunnen groeien tot een imposante metropool is dat museum erg de moeite waard. Iets verderop tref je ook een soort openluchtmuseum waar oude gebouwen mooi zijn opgeknapt, en waar nog een gedeelte van de oude stadsmuur te zien is.
Vanaf daar heb ik mijn ambitie de boel te verkennen met het openbaar vervoer laten varen. Een praktische manier om veel indrukken op te doen in weinig tijd is zo’n foute toeristendubbeldekker. Er zijn twee routes; eentje door het centrum, en eentje langs de kust. Die laatste geeft een prachtig beeld van de recentere ontwikkelingen. Je ziet Health Care City, een wijk vol particuliere ziekenhuizen en klinieken. Je komt vlak langs Burj Al Arab, het hotel dat qua vorm op het bollende zeil van een dhow moet lijken en bezoekt Palm Jumeirah. De bus rijdt tot bij het bekende Hotel Atlantis, en langs de weg zie je een enorme bouwput waar een station voor de monorail verrijst. Op de terugweg zie je nabij de marina de hoogste wijk ter wereld, waar letterlijk tientallen wolkenkrabbers op een kluitje staan.
Meer hoogbouw is te zien langs de E11 – de autoweg die vanaf Abu Dhabi via Dubai tot de grens met Oman doorloopt. Bijna 560 kilometer lag. Het deel van deze weg dat door Dubai loopt staat bekend als Sheikh Zayed Road, en deze is omzoomd met indrukwekkende hoogbouw. Langs deze weg zie je ook het bekende winkelcentrum Mall of the Emirates – duidelijk te herkennen aan het gebouw waarin de overdekte skihelling zich bevindt. Helaas heb ik ook hiervoor geen tijd. Iets verderop stopt de bus bij een ander groot winkelcentrum aan deze straat; Dubai Mall. Hier moet ik straks zijn voor mijn bezoek aan het uitzichtpunt bovenin Burj Khalifa. Ik heb echter nog een goed kwartier voordat ik daar word verwacht, dus ik heb wat tijd om langs de ijsbaan en het zee-aquarium te lopen en snel een broodje en een kopje koffie te kopen. Het is bijna avond, maar ik heb nog geen lunch gehad – en eigenlijk ook nog geen ontbijt…
Dan, eindelijk naar Burj Khalifa. Na het scannen van mijn kaartje mag ik naar de wachtruimte, waar een expositie te zien is over de olkenkrabber. In één van de wachtkamers bevindt zich een glazen dak. Een mooi Arabisch meisje in donkerblauw uniform vraagt me voor haar te gaan staan, en omhoog te kijken. Voor het glazen plafond zit een vizier, en als je daardoorheen kijkt, kijk je recht naar de plek waarvandaan je straks over de stad kijkt. Dan, een paar gangen en kamers verder, volgt de lift die me naar boven brengt. Wat een superlift – in minder dan een minuut zoef je 124 verdiepingen omhoog, vanwaar je echt een erg mooi uitzicht hebt. Bizar om te bedenken dat je op dit platform eigenlijk pas halverwege de toren bent. Naast de nodige onbetaalbare appartementen schijnt er zelfs nog een nachtclub op één van de bovenverdiepingen te zitten. Terwijl bij daglicht van het mooie uitzicht geniet valt de schemering in, en even later is het donker en heeft Dubai zich getransformeerd in een zee van kleurige lichtjes, beschenen door een gele maan. Ik kijk uit over een sprookjesachtig uitzicht, en kijk terug op een mooie dag waarin het verbazend goed is gelukt de beschikbare uren daglicht nuttig te gebruiken.
Weer terug op de begane grond houdt de Dubai Fountain er net mee op. Jammer, maar na zonsondergang voert de fontein meerdere keren per uur een spectaculaire show op. Dubai Fountain is net zoiets als Aqua Nura in de Efteling of de fonteinen bij het Bellagio in Las Vegas. Da’s geen toeval; alledrie zijn ze ontworpen en gebouwd door hetzelfde bedrijf.
Na dit alles ga ik terug naar het appartement om mijn tassen vast wat op orde te maken voor het vertrek morgen. Ik kan ‘t me niet permitteren nóg een vlucht te missen, deze vakantie – niet in de laatste plaats omdat ik overmorgen weer op het werk verwacht word. Net op het moment dat ik weer naar buiten wil gaan om ergens wat te gaan eten komt mijn gastheer binnen, en we besluiten gezamenlijk wat te gaan eten. Hij is klaar met werken en moet alleen nog wat boodschappen doen bij een klein achterafkruideniertje in een onopvallende winkelgalerij, en meteen daarna gaan we naar het voortreffelijke Libanese restaurant Al Hallab bovenin de Dubai Mall – met, vanaf het balkon, uitzicht over de fontein. Feest voor alle zintuigen.
Daarna is de dag toch echt ten einde. Terug in het appartementencomplex wens ik de conciërge een goede nachtdienst. Hij heeft me al beloofd straks te helpen met het vinden van een taxi. Even een paar uurtjes slaap pakken, en dan teug naar Nederland.

Share

Leave a Reply